Hoe wordt kennis verworven?


‘Praktische oefeningen leverden deelnemers nieuwe inspiratie op’

Leren kan behoorlijk lastig zijn. Na een dag op school komt er soms geen nieuwe informatie meer binnen en aangeboden kennis beklijft niet altijd. Het kan dan zijn dat het geheugen overbelast is. Het onthouden van informatie is belangrijk om nieuwe inzichten te verwerven en kennis in andere situaties toe te passen. Onderzoek van John Hattie laat zien dat het verwerven van kennis in fases gebeurt. Na het oppervlakkig leren (de basiskennis opdoen), volgt diep leren en uiteindelijk transfer, het toepassen van de opgedane kennis op diverse vlakken.

Oppervlakkig leren

“Dat proces gaat een heel leven door. Het is dus niet alleen van toepassing voor jonge kinderen. Op de middelbare school kom je voor het eerst in aanraking met de Franse taal. Dan begin je met het opbouwen van je woordenschat en het toepassen van grammatica. Weet je die basiskennis vast te houden, dan kun je die ook toepassen bij andere talen”, zegt onderwijsadviseur en trainer Leren zichtbaar maken Hanneke van der Geest. Volgens haar heeft John Hattie in zijn boek ‘Leren zichtbaar maken met de kennis over hoe wij leren’ een groot aantal hoofdstukken over dit verwervingsproces geschreven. “Teveel om dat in een workshop van één uur te behandelen. Ik richtte mij vooral op die eerste fase: het oppervlakkig leren.”

Hanneke van der Geest

‘Hoe herken je overbelasting bij een leerling? Wat speelt een rol bij de verwerving van oppervlakkige kennis?’

Samen oplossingen bedenken

In de sessie zette Hanneke de zes principes van het kennis verwerven op een rij. Ook de zes principes van het onthouden kwamen aan bod. Tot slot stond zij stil bij wat er gebeurt bij overbelasting. Waar komt dat vandaan? Wat gebeurt er met je als het iets teveel wordt? En vooral: hoe herken je dat bij een leerling in de klas? En wat moet je als leraar of docent dan doen? “Tijdens de twee sessies over dit onderwerp gingen de aanwezigen veel met elkaar in gesprek en bedachten zij met elkaar hoe ze situaties als deze zouden aanpakken. Naast kennis was het hier dus ook vooral inspiratie opdoen”, lacht Hanneke. Na afloop konden de deelnemers, zoals ook bij de andere sessies, hun review geven via de congresapp.

Feedback in de praktijk van de basisschool


‘Het kost energie, maar het is leuk en het gaat zeker lukken’

Annette Hesseling

“Voorheen waren ze vooral dingen aan het doen, nu zijn de leerlingen veel meer aan het leren. Ze weten zelf welke stappen ze moeten maken en wie of wat ze daarvoor moeten inzetten. Ook als het om feedback gaat. De kinderen vragen er nu zelf om, ook aan elkaar.” Dat vertelde schoolleider Annette Hesseling van de Oranje Nassauschool in Zwammerdam. De sessie ‘Feedback in de praktijk van de basisschool’ was vooral een luistersessie. Deelnemers kwamen om de ervaringen van collega’s te vernemen.

Op tijd en van het juiste niveau

Daarvoor had Peter Pijl, onderwijsadviseur en trainer Leren zichtbaar maken, vertegenwoordigers van twee scholen meegenomen. Naast Annette ook intern begeleider Elles Vissers van de Bavokring uit Rotterdam. “Feedback geven en krijgen helpt leerlingen om een beeld te krijgen hoe ze ervoor staan, waar ze naar toe moeten en welke stappen ze daarvoor nog moeten zetten”, zegt Peter. “Je moet feedback op tijd geven, niet achteraf als je bijvoorbeeld al met je spreekbeurt klaar bent. Het moet ook persoonlijk zijn en passen bij het ontwikkelingsniveau.”

‘Tachtig procent van de leerlingen geeft ook elkaar al feedback’

Van fouten maken leer je

“We constateren dat veel scholen nu feedback aan het organiseren zijn”, vervolgt Peter. “Gemiddeld geeft tachtig procent van de leerlingen elkaar al feedback. Maar daarvan is gemiddeld tachtig procent niet kloppend. Het betekent dus voor de scholen nog hard werken. Ze moeten zorgen dat leerlingen op de juiste manier en op tijd feedback krijgen. Ook belangrijk: coöperatieve feedback, elkaar dus willen helpen. Geen competitieve sfeer dus. Iedereen maakt fouten, en daar kun je juist van leren.”

Prettige worsteling

De Bavokring is nu bezig kinderen te leren elkaar goede feedback te geven. “Als je bij breuken maken beredeneert waarom een kwart voor een achtste komt, reageren klasgenoten en geven zij aan of dat wel of niet klopt. Zelfbeoordeling hoort ook in dit proces. Samen met de ontvangen feedback moet je zelf kunnen constateren of je nog iets moet aanpassen of nog wat moet oefenen”, lichtte Elles toe.
Voor de deelnemers aan deze sessie was het vooral interessant om te horen hoe andere scholen met deze prettige worsteling omgaan en hoe ze dit proces samen met de kinderen vormgeven. Peter: “De centrale boodschap was: je moet er veel energie insteken, maar het is leuk om te doen en het gaat je zeker lukken.”

Formatieve assessment:


De juiste feedback op het juiste moment

Annemieke van Grol

Formatieve assessment is gericht op groei en ontwikkeling, en is een zeer effectieve manier om leerlingen verder te helpen. Je geeft ze informatie over waar ze in hun leerproces zijn, waar ze naartoe moeten en hoe ze daar het beste kunnen komen.

We weten het inmiddels wel: feedback geven is zeer effectief. Maar geef je als leraar wel feedback op het juiste moment? Geven klasgenoten elkaar terugkoppeling? En zorg je er als leraar ook voor dat het kind reflecteert, dat het zichzelf een spiegel voorhoudt? Veel leerkrachten uit het basis-, voorgezet en beroepsonderwijs willen graag weten hoe zij formatieve assessment kunnen vormgeven. Voor dat en praktische tips schoven zij aan bij de sessie over formatieve assessment. Onderwijsadviseur en trainer Leren zichtbaar maken Annemieke van Grol is expert op dit gebied. Zij vertaalde het praktische boek van Shirley Clarke - ‘Leren zichtbaar maken met formatieve assessment’ - en vulde het tevens aan met voorbeelden uit de Nederlandse praktijk.

‘Feedback tijdens het leren is een van de meest krachtigste middelen om prestaties te verbeteren’

Drie manieren en momenten

Geef je achteraf een cijfer (wel of niet voldoende), dan ben je summatief aan het beoordelen. Bij formatieve assessment ben je juist gericht op de ontwikkeling tijdens het proces: wat gaat goed en hoe kun je iets verbeteren? Assessment gaat verder dan evaluatie. Formatieve assessment vindt plaats als de leraar een leerling op het juiste moment feedback geeft, maar ook in gesprekken met medeleerlingen (peer-assessment) en via zelfreflectie op het eigen leerproces en de leeropbrengsten (self-assessment). Drie manieren en momenten dus. Annemieke: ‘Tussentijds is zeer belangrijk. Geef je op gerichte momenten tijdens de les feedback, dan geef je kinderen meer zicht op waar zij staan en waar zij naartoe moeten. Op die manier weten ze beter welke volgende stap ze daarvoor moeten zetten. Je geeft leerlingen op dat moment de gelegenheid zich te verbeteren, niet achteraf. Aan de andere kant krijg je ook informatie terug waarmee je jouw les veel beter kunt sturen.”

Effectief inzetten

Naast een toelichting over het begrip formatieve assessment kregen de deelnemers vooral tools hoe ze dit effectief kunnen inzetten. “We gingen in op het wanneer, wie en hoe”, vult trainer Marije Heijdenrijk aan. “Wanneer zet je formatieve assessment in? En wie geeft de lerende de benodigde informatie om beter te worden? Naast de leraar geven ook medeleerlingen feedback. En de leerling zelf leert te reflecteren op zijn eigen leerresultaten. Krijg je meer zicht op het leren, dan kun je zelf je leerproces sturen en je eigen werk beoordelen en verbeteren.”

Krachtig middel

Hoe je dat allemaal toepast, kwam in deze sessie aan de orde. “We zijn al enkele jaren actief met Leren zichtbaar maken, maar merkten dat scholen graag nog meer praktisch tips en tools wilden. Dat geeft Shirley in deze uitgave. Het boek is een must voor alle leraren die het eigenaarschap van de leerling willen vergroten en daarmee de leerprestaties willen verbeteren. Met de sessie op het congres en met het boek willen wij het besef bijbrengen om formatieve assessment bewuster in te zetten als een van de meest krachtige middelen om prestaties te verbeteren. En om de leerling voor te bereiden op een levenlang leren.”

Ook zelf aan de slag met formatieve assessment? Ga samen met een van onze trainers aan het werk met formatieve assessment in jouw groep of school. Kijk hier voor meer informatie.

Ken uw impact:


‘De feedback zit tegenover je’

Azahara van Bergen (links) en Katja Bosch

Als leraar moet je goed bewust zijn van wat een lage, gemiddelde of hoge impact heeft op het leren bij leerlingen. Daarnaast moet je als leraar voortdurend onderzoeken welke impact je wil hebben. En of je die impact ook werkelijk bij de leerling realiseert. Dat was min of meer het uitgangspunt bij de sessie ‘Ken uw impact’.

“Volgens Hattie heeft een leraar de kerntaak om continu bezig te zijn met het verzamelen van informatie over zijn eigen handelen. Hoe? Door feedback van de leerling te vragen”, zegt trainer Azahara van Bergen. “Pas dan kun je achterhalen of datgene wat je doet ook werkelijk het verschil maakt”, vult trainer Katja Bosch aan. Samen gaven zij de praktische workshop ‘Ken uw impact’.

Reflectieve houding

“Bij tegenvallende prestaties zijn scholen geneigd om achteraf in gesprek te gaan. In de lerarenkamer, met ouders op de gang, met kinderen in de klas. En dan komen factoren aan bod die niet het verschil maken, zoals de wellicht beperkte invloed van de inrichting van het lokaal. Of de leraar legt het resultaat uitsluitend bij de leerling zelf. Belangrijker is het dat je als leraar een reflectieve houding aanneemt. Dat je serieus en voortdurend kijkt wat je zelf kunt doen om het leren van de leerling te stimuleren”, benadrukte het tweetal tijdens de sessie. Maar hoe doe je dat? Door diverse tools in te zetten.

‘Hoe weet jij of je werkelijk impact hebt gecreëerd?’

Mindshift realiseren

Tijdens de workshop bedachten de deelnemers eerst zelf welke tools dat kunnen zijn. Daarna stipten Azahara en Katja concrete hulpmiddelen aan. “Maak filmopnamen van leerlingen als zij antwoord geven op de vraag: wat doet een goede leerling? Vrijwel altijd gaat het antwoord over gedrag. Een goede leerling komt op tijd op school, zit rechtop, steekt zijn vinger op… Het antwoord gaat vrijwel nooit over het leren: een goede leerling weet wat hij wil leren en wat hij moet doen als hij een fout maakt. Er moet dus een mindshift plaatsvinden, en de leraar heeft daarin een belangrijke taak.” Een andere tool is bijvoorbeeld de leerlingfocusgroep. Zo’n groep komt elke drie maanden bijeen. De leerlingen geven dan feedback aan leraren over een al ingezette vernieuwing in het onderwijs.

Voormeting rond kennis

Tot slot kwamen rapportcijfers aan de orde. “Heeft een leerling met hoge cijfers die kennis bij jou als leraar opgedaan? Volgens Hattie is zestig procent van wat leraren vertellen kennis die leerlingen al hebben. Er wordt vrijwel nooit een goede voormeting gedaan. Hoe weet je dan of jij werkelijk impact hebt gemaakt? Kortom, vraag voortdurend informatie aan de leerling: de feedback zit tegenover je.”


Trainers Ilse Marks en Pieter de Kool:


‘LZM biedt ook het middelbaar beroepsonderwijs veel’

Docenten en instructeurs op mbo-scholen kunnen met Leren zichtbaar maken een kwaliteitsslag met hun onderwijs maken. Leerlingen krijgen inzicht in wat ze leren, waarom en waarvoor.

Een groot aantal scholen in het primair onderwijs is bezig met Leren zichtbaar maken en ziet al concrete resultaten. Vorig jaar pakten ook diverse mbo’s het gedachtegoed van John Hattie op. “De wetenschapper splitst zijn onderzoek uit naar schooltype”, zegt trainer Ilse Marks. “Hattie geeft helder aan wat bij scholen in primair onderwijs goed werkt en wat meer relevant is voor het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs. Maar de boodschap voor alle docenten, in welke onderwijsvorm dan ook, is dezelfde: wees je bewust van de impact die jij hebt.”

Essentie voor mbo hetzelfde

“Hattie zegt ook niet bang te zijn om de klas feedback te vragen waarmee je jouw eigen handelen kunt versterken”, vult trainer Pieter de Kool aan. “Het succes van het leren hangt enorm af van hoe jij als docent omgaat met studenten. Hoe zorg je ervoor dat zij eigenaar worden van hun eigen leerproces? Dat ze weten wat ze aan het leren zijn en waarom? En ook dat ze weten waar ze nu staan, waar ze naar toe werken en welke stappen ze daarvoor (nog) moeten zetten? Wat dat betreft is de essentie van Leren zichtbaar maken voor het middelbaar beroepsonderwijs hetzelfde als bij het primair onderwijs. Goed leren koken of een infuus aanbrengen is in die zin niet anders dan goed leren rekenen.”

‘Studenten pakken de regie over hun eigen leren’

Leren zichtbaar maken

De leerdoelen zijn dus wel anders, maar de manier van kijken is gelijk. Hoe zorg ik er als docent voor dat leerlingen die doelen bereiken? Is dat effectief? En wat moet ik doen om de leerlingen regisseur van hun eigen leerproces te maken? Pieter: “Je moet de leerlijn zichtbaar maken zodat je met je studenten in gesprek kunt gaan over hun leerproces. Voor docenten op een mbo-school vergt dat wel wat creativiteit. Je moet als team met elkaar goed nadenken hoe je het leren voor studenten zichtbaar gaat maken. Ze moeten weten wat van een startbekwame beroepsbeoefenaar verwacht wordt; een kok, een modeontwerper of een beveiliger. “Dat moet ik weten en kunnen, daar word ik dus voor opgeleid en deze stappen moet ik zetten om die vakbekwaamheid uiteindelijk te verwerven.”

Tip aan mbo-scholen: begin op teamniveau

De diversiteit binnen het middelbaar beroepsonderwijs is groot: van niveau 1 tot en met 4, en ook honderden verschillende opleidingen. Het is daarom niet verstandig om Leren zichtbaar maken over een hele school uit te rollen. Beter op team- of opleidingsniveau. Docenten komen bij elkaar kijken en zien elkaars resultaten: waarom werkt het bij jou wel en bij mij niet? Dat werkt als een olievlek binnen de school.

Aandacht voor leerdoelen

Docenten in het mbo kunnen met studenten te maken krijgen die op de middelbare school behoorlijk aan de hand zijn gehouden. Ineens wordt van hen verwacht dat ze hun eigen regierol gaan oppakken. Ilse: “Je moet er daarom voor waken ze niet in het diepe te gooien. Zo van: succes ermee, en je hebt drie jaar om daar te komen. Zo’n proces gaat stap voor stap. ROC A12 is begonnen met een nulmeting. Aan de hand van interviews met veel leerlingen bleek dat die niet konden vertellen wat ze aan het leren waren en hoe succes eruit ziet. Wel wat ze aan het doen waren, bijvoorbeeld opdracht 3 maken. Maar waarom was hen niet duidelijk. Met elkaar spraken de teamleden af om in elke les nadrukkelijk aandacht te schenken aan de leerdoelen en de succescriteria. Aan het einde van de periode werd opnieuw een meting gedaan. Toen wisten de leerlingen wel wat ze leerden, wanneer het goed was en in hoeverre ze de stof al onder de knie hadden. Het bleek ook dat de motivatie enorm was toegenomen en ook de resultaten waren veel beter dan voorheen.”

‘Weten welke stappen je moet zetten om een vakbekwaam kok of beveiliger te worden’

Stuurteam en docenten begeleiden

“Onze rol bij zo’n team is in eerste instantie het gedachtegoed van Hattie overbrengen”, benadrukken de trainers. “Laten zien dat het niet iets nieuws is waar docenten ‘weer iets mee moeten’, maar dat het een goede aanvulling is. Dat je niet zomaar wat doet, maar dat het op onderzoek is gebaseerd waarbij Hattie in kaart bracht wat écht effectief is. Je ziet het enthousiasme dan groeien. We begeleiden stuurteam en docenten ook met het plannen en uitvoeren van een impactcyclus; een nulmeting uitvoeren, en op basis daarvan doelen stellen en de juiste interventie kiezen. Vervolgens de interventie uitvoeren en in een nameting de impact van de interventie bepalen.”

Volop ruimte om eigen plan te trekken

“Op deze manier werken we met teams aan een duurzame kwaliteitsverbetering van het onderwijs. Daarnaast begeleiden we docenten bij het versterken van hun vaardigheden, zoals doelen stellen, gesprekken met leerlingen voeren, feedback geven. Veel docenten komen uit de praktijk en zijn zeer bevlogen. Ze hebben het beste met hun leerlingen voor, helpen hen graag op een goede plek terecht te komen. Maar ze missen de didactische en pedagogische finesse om dat optimaal te kunnen doen. Ze zijn dan ook blij met onze adviezen en handvatten. Het leuke van Leren zichtbaar maken is bovendien dat het geen standaardprogramma is. Het legt niets op, maar biedt processtappen die er toe doen. Op deze wijze biedt het je juist volop ruimte om zelf te bepalen wat je wil toepassen om jouw onderwijs te verbeteren.”


> Deel deze uitgave